Puck Kooij
uit de serie de kist al in huis
Puck Kooij
Foto’s van stranden, terrasjes en gegrilde sardientjes zul je niet snel aantreffen in de vakantiealbums van Puck Kooij (83). Haar albums zijn gevuld met beelden van Père-Lachaise, San Michele, Highgate en al die andere beroemde begraafplaatsen in Europa: “Campo Santo in Genua was absoluut de mooiste. Kijk toch eens, al die sculpturen, en dat uitzicht.”

De fascinatie voor de dood begon rond 1995: “Ik stopte dat jaar met werken, waar ik voor geen meter zin in had uit angst dat ik geen zinvolle invulling meer zou hebben. Maar toen las ik een artikel in de krant over een vereniging die onder meer funeraire reizen organiseert. Dat leek me wel wat, en ik werd er gelijk door gegrepen.”

Graag veel bloemen

Niet lang na die eerste reis begon Puck ook de overlijdensadvertenties met bovengemiddeld veel interesse te lezen. Nog altijd spit ze dagelijks de kranten door, op zoek naar interessante zinnetjes om ze vervolgens in dikke plakboeken te rubriceren op thema’s als de bijbel, zelfdoding en smartlappen. “Zelf wil ik te zijner tijd ook graag een advertentie in de krant. Mensen moeten wel weten dat ik dood ben, vind ik. Maar de meest passende regels heb ik daarvoor nog niet gevonden.

Op verschillende plekken in het huis steekt een reanimeer-mij-niet-verklaring: “Het kan maar duidelijk zijn. Niet dat ik dood wil, maar met al mijn aandacht voor begraafplaatsen kan ik zo’n reanimatie niet toestaan.”

Koetsje

“Het idee voor mijn boekenkastkist kwam ik tegen op een beurs. Een jaar of tien later heb ik hem laten maken door een meester-timmerman. Van de boekenplanken kun je een deksel maken.” Dat sommige mensen zo’n kist macaber noemen, vindt ze niet terecht: “Het feit dat je dood gaat, geeft betekenis aan je leven.”

Een graf heeft ze ook al: “Het liefst zou ik er straks met een koetsje naartoe gebracht worden – ik hou wel van theater, maar ik denk niet dat dat er financieel in zit.” Het gedicht erop dat ze zelf gemaakt heeft, verwijst naar de notenboom boven het graf: “Zij heeft van levenslust geblaakt / en menige harde noot gekraakt / Nu ze haar laatste zucht heeft geslaakt / is het ten leste de noot die haar kraakt.”

Puck op de begraafplaats: “Wat staat het er mooi bij hè? Ik kan bijna niet wachten tot het zover is. Spijtig dat ik er zelf niet bij kan zijn.”

andere verhalen uit de serie de kist al in huis